Overzicht van mijn blogs op WordPress.com in het afgelopen jaar

The WordPress.com stats helper monkeys prepared a 2011 annual report for this blog.

Here’s an excerpt:

A San Francisco cable car holds 60 people. This blog was viewed about 1.400 times in 2011. If it were a cable car, it would take about 23 trips to carry that many people.

Click here to see the complete report.

Geef een reactie

Opgeslagen onder beleggen

Overnamekoorts

Het is goed mogelijk dat we aan de vooravond staan van een lange reeks van fusie- en overname activiteiten. Hoewel, aan de vooravond? Onlangs werd door Jumbo de overname van de supermarktketen C1000 aangekondigd voor circa 900 miljoen euro. Kort daarvoor werden aandeelhouders van de beursgenoteerde buizenmaker Wavin verblijd met een bod van 8,50 euro op hun aandelen. Dit bedrag is nota bene het dubbele van de koers, voorafgaande aan het bod.
Ook internationaal zijn deze overnameperikelen al een tijdje gaande. Google heeft dit jaar tot en met oktober al voor 1,2 miljard dollar aan bedrijven overgenomen en met de aangekondigde overname van Motorola Mobility ligt er nog een overname van 12,5 miljard dollar in het verschiet! Het persbureau Bloomberg had begin dit jaar al berekend dat de 1000 grootste bedrijven ter wereld voor zo’n 3000 miljard dollar aan cash in de boeken hebben staan. Dat geld kan beter worden teruggeven aan de aandeelhouders in de vorm van dividend, of gebruikt worden om overnames mee te financieren. Laten staan is geen optie.


Er is nog meer goed nieuws: de Aziatische honger naar kennis, groei en toegang tot nieuwe markten zal tot bovengemiddelde interesse in westerse bedrijven kunnen leiden. De overname van Volvo door de Chinese autoproducent Geely en die van Jaguar en Land Rover door het Indiase Tata zijn daar nog maar de eerste voorproefjes van. Geld is er genoeg: bijna zeventig procent van de buitenlandse valutareserves bevindt zich in Azië, waarvan ruim veertig procent in China. Volgens een recent onderzoek van Bas Karreman en Enrico Pennings, beide verbonden aan de Erasmus Universiteit, is het aannemelijk om te stellen dat de volgende fusie- en overnamegolf voor een groot deel wordt gedreven door ondernemingen uit Azië, en dan met name uit China. Zij verwachten tevens dat de Aziatische valutareserves, die nu nog voornamelijk worden aangehouden in staatsobligaties, kunnen worden aangewend om bedrijven in Amerika en Europa op te kopen.
Is dat erg? Chauvinistisch als we zijn hebben we dat liever niet natuurlijk. De Nederlandse economie is echter gegroeid door dezelfde strategie toe te passen, we staan in de top10 van landen met de hoogste buitenlandse investeringen! De kans is dus groot dat we nu een Aziatisch koekje van eigen deeg krijgen voorgeschoteld. Voor beleggers zou dit wel eens een gelukskoekje kunnen zijn, want de overnamepremie die dan wordt betaald, bovenop de huidige aandelenkoers, is een welkom geschenk in sombere beurstijden.

Geef een reactie

Opgeslagen onder aandelen, beleggen, Beleggen voor beginners, Beleggen voor gevorderden, China, economie, opkomende markten, vermogensbeheer

Geld verdienen met opties

Wie in een gezelschap van beleggers begint over opties krijgt meestal twee verschillende verhalen te horen. Er is kans op een wildenthousiaste reactie, maar vaak klinkt ook de waarschuwing dat je nooit aan opties moet beginnen. Hoe zit dat?

Een optie op de beurs is vergelijkbaar met een koopoptie op een huis. Met een optie heb je het eerste recht om iets te kopen, tegen een vooraf bepaalde prijs. Bij beursopties zijn er weliswaar meer varianten, er zijn ook opties waarmee je het recht hebt om iets te verkopen, maar je praat in alle gevallen over rechten of plichten.

Door het kopen van een optie kan je met relatief weinig geld gebruik maken van de koersbewegingen van de onderliggende waarden. Als voorbeeld: voor een paar tientjes heb je al een kooprecht (calloptie) op 100 aandelen ING, tegen een vooraf afgesproken koers. Momenteel (29 juli 2011) betaal je voor 100 aandelen ING zo’n 750 euro. Daar zit ‘m dan ook de kneep: met een geringe investering in opties heb je recht op de aankoop van een pakket aandelen dat een veel groter bedrag vertegenwoordigt. Als de koers van die aandelen gaat oplopen, dan loopt de waarde van jouw calloptie nog veel harder op. Maar pas op: andersom werkt het precies hetzelfde, hoewel je nooit meer kan kwijtraken dan de premie die je voor je optie hebt betaald.

Opties: beleggen met een hefboom

Diegene die jou waarschuwt nooit aan opties te beginnen heeft waarschijnlijk in het verleden opties geschreven. Dat is een vakterm voor het verkopen van opties, die je nog niet in bezit had. Voor de liefhebber: men noemt dit ook wel short gaan. Met die verkoop heeft de schrijver van een optie een verplichting op zich genomen. Oftewel om te leveren, of om af te nemen. Dat wil nog wel eens mis gaan, als de schrijver het risico niet goed heeft ingeschat. In dat geval kan de schrijver van de optie enorme verliezen maken, die in theorie zelfs onbegrensd kunnen zijn.

Bij Tielkemeijer & Partners maken we gepast gebruik van opties. Putopties zijn prima geschikt om een flink stuk risico af te dekken en met callopties heb je de kans op extra rendement in je portefeuille. Ook kan je opties met elkaar combineren, dit is echter alleen aan te raden voor gevorderde beleggers.

Als je meer wilt weten over beleggen met opties, stuur dan een e-mail aan: mail@tielkemeijer.nl. Dan ontvang je per mail informatie over opties, zonder verdere verplichtingen.

Geef een reactie

Opgeslagen onder aandelen, beleggen, Beleggen voor beginners, Beleggen voor gevorderden, informatie over beleggen, optiebeleggen, opties, vermogensbeheer

‘Kick back’ of ‘knock out’

Grote kans dat in 2013 het licht zal uitgaan bij veel Nederlandse verzekeringstussenpersonen, hypotheekkantoren en vermogensbeheerders. Wat is er aan de hand? 

In het verleden had je vaak geen idee wat je betaalde voor je verzekering, hypotheek of beleggingen. Dat was niet te controleren en daarvan werd nog wel eens misbruik gemaakt door de adviseur. In dat geval waren de kosten voor het financiële product ver buiten proporties, de woekerpolis is daar een voorbeeld van.

De laatste jaren zijn steeds meer financiële dienstverleners overgegaan naar een transparanter model. Aan de klant wordt duidelijk verteld wat het product kost en wat de voor- en nadelen voor hem/haar zijn. De kosten worden gespecificeerd en zodoende kan de klant een afgewogen beslissing maken. 

>Helaas bestaat er ook nog een groep tussenpersonen die zich goed laten betalen door de maker van het product, meestal een bank of verzekeringsmaatschappij. Deze groep is echter een uitstervend ras. De overheid wil dat de klant centraal staat, niet de inkomsten van de verkoper, en komt met een aantal ingrijpende maatregelen. Vanaf volgend jaar moet de vergoeding aan de tussenpersoon naar verhouding van zijn werkzaamheden zijn; voor relatief weinig werk mag hij geen buitensporige vergoeding vragen. Helaas is dit nog niet zo eenvoudig vast te stellen, dus dit zal nog wel voer voor discussie opleveren.  

Volgend jaar zijn ook zogenoemde perverse prikkels verboden voor tussenpersonen. Dit zijn allerlei soorten bonussen, waarbij de tussenpersoon verleid wordt zoveel mogelijk producten te verkopen. Bovendien moeten tussenpersonen vanaf volgend jaar voldoen aan allerlei deskundigheidseisen. Van de circa 9.000 bedrijven draait ongeveer een derde met verlies, omdat er veel minder hypotheken en levensverzekeringen worden afgesloten. De financiële toekomst van deze specialisten ziet er somber uit.

In 2013 gaat het mes er pas goed in: dan worden de meeste onderhandse geldstromen tussen bank, verzekeraar en tussenpersoon verboden. De tussenpersoon wordt dan alleen nog door de klant betaald en zal dus moeten kunnen uitleggen wat hij voor dat geld heeft gedaan of gaat doen. 

Veel beleggingsspecialisten ontvangen heden ten dage nog kickback-provisies op de transactiekosten van de bank. Vermogensbeheerders en advieskantoren die flink veel muteren in de portefeuilles van hun cliënten kunnen daarmee een goede boterham verdienen. De komende jaren zal het de klant steeds duidelijker worden hoe dik het beleg hierop is. De beleggingsadviseur die de gemaakte kosten niet goed kan verklaren aan zijn klanten heeft dan geen bestaansrecht meer. Die gaat dus knock out.

 

Geef een reactie

Opgeslagen onder beleggen, Beleggen voor beginners, Beleggen voor gevorderden, provisie, vermogensbeheer

Japan, het land van de rijzende schuld

In mijn vorige column schreef ik over het probleem van de Griekse staatsschuld. Die is maar liefst 150% ten opzichte van het Bruto Nationaal Product (BNP) en dat is veel te veel. Maar wat dacht u van Japan? Voor de tsunami bedroeg de staatsschuld van Japan al 226% van het BNP. Het geld dat nodig is voor de wederopbouw na de ramp zal de staatsschuld kunnen ophogen tot 250% van het BNP!

Terwijl de Grieken torenhoge rentepercentages voor hun kiezen krijgen, hoeft de Japanse overheid bijna geen rente te betalen. De Centrale Bank van Japan houdt het percentage al sinds 2008 op 0,1%! Hoe kan dat nou?

Er zijn twee belangrijke redenen waarom de Japanse rente zo laag blijft. Enerzijds is de staatsschuld bijna geheel in handen van Japanse instellingen en burgers, die lage rente is dus eigenlijk een vriendenprijs. Anderzijds wordt de kans dat de Japanse overheid in de toekomst aan haar verplichtingen zal kunnen voldoen zeer hoog ingeschat. Het BNP van Japan is, na dat van Amerika, het hoogste ter wereld! De Japanse betalingsmoraal en de arbeidsdiscipline staan zeer hoog aangeschreven, daar kunnen de Grieken nog wat van leren.

Japan, het land van de rijzende schuld

Vanwege deze factoren wordt de Japanse Yen graag gebruikt voor zogenoemde carry trades. Beleggers lenen dan Yens tegen een zeer lage rente en zetten die uit in een valuta met een hogere rente. Populair daarvoor zijn de Australische dollar, en ook de Deense kroon. Het idee is dat dit stabiele valuta zijn en zo wordt gratis geld gecreëerd.

Maar gratis geld bestaat niet! Met die titel heb ik inmiddels een boek kunnen volschrijven, daar kan deze column aan worden toegevoegd. Een carry trade is wat mij betreft vergelijkbaar met springen zonder parachute: zolang je in de lucht bent gaat alles nog goed.

Hoewel de staatsschuld van Japan nog niet wordt gezien als een groot probleem is voorzichtigheid geboden: Japanners worden met gemiddeld 82 jaar het oudste van alle wereldburgers. Het land vergrijst en dat geeft o.a. problemen op de arbeidsmarkt en met de financiering van pensioenen. Als Japan niet meer intern kan lenen, zal het land een meer marktconforme rente moeten gaan betalen en dan kan die 250% schuld wel eens een dure aangelegenheid worden.

Het land met de laagste staatsschuld is overigens… Libië. Met het mes op de keel zou ik dan toch maar kiezen voor Japanse obligaties, de hoogte van de staatsschuld zegt tenslotte ook niet alles…

1 reactie

Opgeslagen onder aandelen, beleggen, Beleggen voor beginners, Beleggen voor gevorderden, economie, Japan, vermogensbeheer

Oliedip

Op 5 mei jongstleden werd de grondstoffenmarkt geconfronteerd met een oliedip, de prijs van ruwe olie daalde met zo’n 10% in één dag en dat is ongekend veel. 

Een precieze oorzaak hiervoor is ook achteraf niet vast te stellen, het was een combinatie van factoren, maar het gevolg was dat veel valse lucht uit de olieprijs ontsnapte. Speculanten werden ‘uit de boom geschud’, zoals dat in beursjargon heet. Grote beleggers in olie wisten niet hoe snel ze van hun positie af moesten en dat gaf een domino-effect in de markt.

Wie op 5 mei heeft getankt zal niet veel van de oliedip hebben gemerkt, benzine was nog net zo duur als de dag ervoor. Sommige deskundigen beweerden dat dat kwam omdat de euro die week is gestegen ten opzichte van de US-dollar, maar ook in euro’s is de olieprijs zo’n 7% gedaald. Opmerkelijk is dat, toen drie jaar geleden de olieprijs 146 dollar noteerde, de benzineprijs lager stond dan nu. Ook in euro’s was olie toen 30% duurder. 

 Volgens de oliemaatschappijen komt dat omdat maar een klein gedeelte van de benzineprijs wordt beïnvloedt door de olieprijs. Berucht is natuurlijk het kwartje van Kok, dat overigens behoorlijk veel last heeft van inflatie, accijns en BTW zijn goed voor ongeveer één euro per liter! De eigenaar van het pompstation heeft een marge van ongeveer een dubbeltje, de rest is voor de oliemaatschappij. Daarvan moeten ze de olie oppompen, raffineren en transporteren.

 Echt medelijden hoeven we met deze bedrijven niet te hebben. Royal Dutch/Shell heeft vorig jaar met dit kunstje 20 miljard dollar verdiend! De moedermaatschappij van Esso, ExxonMobil, deed het nog iets beter, die verdiende in 2010 maar liefst dertig miljard dollar. ExxonMobil is daarmee het meest winstgevende bedrijf van Amerika. Heel bijzonder is dat inmiddels niet meer, want die titel dragen ze nu alweer voor het achtste jaar op rij.

Oliemaatschappijen behoren dus tot de meest winstgevende bedrijven ter wereld. Dat zou beleggers aanspreken, zou je denken. Nou, dat valt te bezien: de koers van Shell staat bijvoorbeeld op het zelfde niveau als… juli 1997! In dat jaar verdiende het bedrijf zo’n 5 miljard dollar.

Moraal van dit verhaal? Wie in 1997 kon voorspellen dat de jaarwinst van dat jaar in 2010 per kwartaal werd verdiend zou waarschijnlijk al zijn geld in aandelen Shell hebben gestoken. Hoewel het bedrijf een royaal dividendbeleid hanteert, is de verwachte koersexplosie uitgebleven. Wie alleen belegt in aandelen neemt meer risico dan nodig is. Zelfs voorkennis heeft geen zin, een verstandige belegger doet aan risicospreiding.

 

Geef een reactie

Opgeslagen onder aandelen, beleggen, Beleggen voor beginners, Beleggen voor gevorderden, benzineprijs, economie, olie, olieprijs, vermogensbeheer

Help Rutte een handje

Volgens het CBS staat er momenteel zo’n 296 miljard euro op spaarrekeningen in Nederland. Ter illustratie: van dit bedrag zouden door de overheid de geplande bezuinigingen voor deze kabinetsperiode ruim 16 keer kunnen worden betaald.

We zouden de bezuinigingen met z’n allen ook contant kunnen betalen. Er is in Nederland ruim 850 miljard contant geld in omloop, waarvan een groot gedeelte thuis ligt en niet wordt aangehouden voor de dagelijkse boodschappen. Over dat contante geld wordt natuurlijk geen rente vergoed, maar ook de rentevergoeding over het spaarsaldo was niet om over naar huis te schrijven: wie doorrekent op de gepubliceerde cijfers van het CBS komt op een gemiddeld rentepercentage van 1,65%. Toch jammer als de inflatie circa 2% bedraagt!

In Nederland betaal je boven een vrijstelling van circa 20.000 euro per persoon 1,2% belasting over je vermogen. Als er meer belasting binnenkomt zal het voor minister-president Rutte en consorten makkelijker worden om de begroting op orde te houden en hoeft er misschien zelfs minder te worden bezuinigd.

Mijn voorstel is om te gaan beleggen. Dat hoeft niet om een groot bedrag te gaan, iedereen weet dat beleggen ook risico’s met zich meebrengt, maar een beetje beleggen kan meestal geen kwaad. Door 30% van het spaargeld voor beleggingen te gebruiken stijgt de kans op een beter rendement op je vermogen spectaculair en het risico blijft beperkt. Wie dus 18.000 euro op een spaarrekening heeft staan (het gemiddelde per Nederlander) zou daarvan 5.400 euro kunnen gaan beleggen. Met 296 miljard euro spaargeld zou dus zo’n 90 miljard euro in effecten kunnen worden gestoken.

Bij een normale beursontwikkeling wordt de economie hiermee enorm gestimuleerd, omdat bedrijven goedkoper aan geld kunnen komen en het consumentenvertrouwen stijgt vrijwel altijd als de beurskoersen stijgen. Daarnaast gebeurt er nog iets.

Die 90 miljard belegde euro’s kunnen elk jaar meer waard worden. Als de waarde van de beleggingen stijgt met bijvoorbeeld 5%, in plaats van de rentevergoeding van 1,65%, dan levert dat 3 miljard meer vermogen op. Over dat bedrag moet dan ongeveer 36 miljoen euro belasting (vermogensrendementsheffing) worden betaald. Een schijntje, ten opzichte van de bezuinigingen, maar Rutte c.s weten met die extra inkomsten vast wel raad.

De spaarder/belegger is nog wel het beste af. Zijn gemiddeld rendement stijgt in dit voorbeeld met een vol procent en verslaat daarmee de inflatie. Kortom: een beetje beleggen is goed voor de economie, voor Mark Rutte en voor je eigen portemonnee.

Geef een reactie

Opgeslagen onder aandelen, beleggen, Beleggen voor beginners, Beleggen voor gevorderden, economie, informatie over beleggen, vermogensbeheer